KASTERLEE - Er was een handvol favorieten voor de Hel van Kasterlee, de loodzware duatlon die traditioneel eind december een volksverhuis naar het pompoenendorp teweeg brengt, maar er stak er toch eentje bovenuit en dat was opnieuw Seppe Odeyn. Bij de vrouwen was Dieske Kruisselbrink de beste.
Eddy Leysen
In tegenstelling tot in 2024 waren het geen iconische taferelen met slijk, modder en slechts een derde van het deelnemersveld dat de finish bereikte. Dit jaar was een recordeditie met een supersnelle winnaar en een record aantal deelnemers dat op dit BK de finish haalde.
Dankzij een ongelooflijk loopnummer nam Toon Mariën even afstand van het kransje favorieten, maar daarna was zijn rol uitgezongen. Een viertal met tienvoudig winnaar Seppe Odeyn, Tim Van Hemel, Nick Peers en Arno Brouwers domineerde de wedstrijd. Ondanks de afstand kwam er vooraan geen afstand tijdens het 125 kilometer durende mountainbikerondje, dus moest de afsluitende dertig kilometer lopen voor de beslissing zorgen. Van Hemel moest door een kuitblessure vooraan de rol lossen, waardoor het podium vorm kreeg. Over de volgorde was nog niet meteen duidelijkheid. Nick Peers schoot als een komeet uit de tweede wissel, maar de ervaring van Seppe Odeyn haalde het. Hij ging op en over Peers en liep zo naar zijn elfde overwinning in de legendarische Hel van Kasterlee. Hiermee pakte hij ook de nationale titel in de crossduatlon lange afstand. Peers werd tweede, Brouwers derde.
Bij de dames werd het lange tijd spannend, maar het was de Nederlandse Dieske Kruisselbrink die aan het langste eind trok. De Belgische titel was voor kersvers mama Jonie Vanhoutte die vier minuten later als tweede over de rode loper liep. Opmerkelijk is dat de nieuwe Belgische kampioene in de wisselzone én tijdens het lopen moest afkolven. Een knappe prestatie dus!
